Metselwerk: soorten, verbanden en aandachtspunten

door Pieter van Apen

Metselwerk is een muur of ander bouwwerk dat is opgebouwd uit stenen of blokken die met mortel aan elkaar zijn verbonden. De stenen, de voegen en de manier waarop de stenen zijn gelegd bepalen samen hoe het metselwerk eruitziet en waarvoor je het kunt gebruiken.

Een gemetselde muur kan bijvoorbeeld een gevel, een binnenmuur of een tuinmuur zijn. Niet iedere muur heeft dezelfde functie: een dragende muur moet gewicht kunnen opnemen, terwijl een scheidingsmuur vooral ruimtes van elkaar scheidt.

Hoe is metselwerk opgebouwd?

Bij traditioneel metselen leg je stenen in een laag mortel. Die mortel verbindt de stenen en vult de ruimte ertussen. De horizontale voegen tussen de lagen heten lintvoegen. De verticale voegen tussen de stenen heten stootvoegen.

De zichtbare afwerking van de voegen heeft invloed op het uiterlijk en op de bescherming tegen regen. Een voeg moet goed aansluiten op de steen, zodat water niet gemakkelijk achter de voeg komt. Slecht gevulde voegen kunnen vochtproblemen en schade door vorst veroorzaken.

De indeling van de stenen heet het metselverband. Bij het metselverband gaat het onder meer om de plaats van de stootvoegen en om welke kant van de steen zichtbaar is. De lange zijde heet de strek, de korte zijde de kop.

Welke materialen gebruik je voor metselwerk?

Baksteen is een veelgebruikt materiaal voor gemetselde gevels en muren. Er zijn verschillen in kleur, formaat, structuur en wateropname. Daardoor kunnen twee muren met hetzelfde verband er toch heel anders uitzien.

Voor binnenmuren worden ook kalkzandsteen en betonblokken gebruikt. Die materialen hebben andere eigenschappen dan gevelbakstenen. Zo zijn niet alle blokken bedoeld om onafgewerkt aan regen en vorst bloot te staan.

Ook de mortel moet bij de steen en de toepassing passen. Een te harde mortel is bijvoorbeeld niet altijd geschikt voor zachte, oude bakstenen. Bij herstel kan de steen dan eerder beschadigen dan de voeg. Bij nieuw werk gebruik je een mortel die past bij de wateropname van de steen en de belasting van de muur.

Naast traditionele metselmortel zijn er systemen voor dunmetselen en lijmen. Daarmee maak je smallere voegen en krijgt de muur een ander uiterlijk. Deze werkwijzen vragen geschikte stenen en een bijpassend verwerkingsmiddel. Een gewone metselmortel is daarvoor niet automatisch geschikt.

Veelgebruikte metselverbanden

Een verband bepaalt het patroon van een muur en kan bijdragen aan de samenhang tussen de stenen. Dit zijn enkele bekende verbanden:

  • Halfsteensverband: de stenen liggen met hun lange zijde in het zicht. Elke laag verspringt ongeveer een halve steen. Dit geeft een regelmatig patroon en wordt vaak gebruikt voor gevels en scheidingsmuren.
  • Kruisverband: lagen met zichtbare koppen en lagen met zichtbare strekken wisselen elkaar af. De verdeling van de voegen zorgt voor het herkenbare patroon.
  • Staand verband: ook hierbij wisselen lagen met koppen en strekken elkaar af. De plaats van de strekken ten opzichte van elkaar geeft dit verband een ander beeld dan kruisverband.
  • Blokverband: de stenen liggen recht boven elkaar, waardoor doorlopende verticale voegen ontstaan. Dat geeft een strak beeld, maar zonder extra voorzieningen draagt het verband minder bij aan de samenhang van de muur.

De namen van verbanden en de dikte van een muur worden soms door elkaar gebruikt. Een halfsteens muur is ongeveer een halve steen dik. Een steens muur is ongeveer een hele steen dik. De dikte zegt dus iets anders dan alleen het patroon aan de buitenkant.

Van eerste laag tot afgewerkte muur

Goed metselwerk begint op een stevige, vlakke ondergrond. Voor een buitenmuur moet de ondersteuning passen bij de belasting en de grond. Een verzakking kan namelijk scheuren in de muur veroorzaken.

Bij het opbouwen zijn dit de belangrijkste stappen:

  • De eerste laag uitzetten: bepaal waar de muur en de hoeken komen. Leg de eerste laag recht met een waterpas en een metselkoord. Een afwijking in deze laag werkt door naar boven.
  • Stenen verdelen: leg het verband vooraf uit. Zo zie je waar je stenen moet inkorten en voorkom je kleine stukjes steen bij een hoek of opening.
  • Mortel aanbrengen: breng mortel aan voor de horizontale voeg en vul ook de verticale voegen. Druk de stenen op hun plaats en haal overtollige mortel weg.
  • Regelmatig meten: houd de muur tijdens het metselen recht, vlak en waterpas. Houd ook de voegen ongeveer gelijk.
  • Voegen afwerken: werk de voegen af op het juiste moment voor de gekozen methode. Soms gebeurt dat tijdens het metselen, soms wordt de voeg later apart aangebracht.

Een lage tuinmuur is overzichtelijker dan een hoge gevel met openingen. Schakel bij dragende muren, grote overspanningen en gevels met veel details een constructeur of ervaren metselaar in.

Regen, vorst en droging

Vers metselwerk heeft tijd nodig om stevig te worden. Bescherm een nieuwe muur tegen hevige regen en vorst. Regen kan verse mortel uitspoelen, terwijl vorst schade kan veroorzaken voordat de mortel voldoende is verhard.

Bescherm het verse metselwerk ook tegen felle zon en harde wind. Als mortel te snel uitdroogt, kan de verbinding met de steen minder goed worden. Dek het werk waar nodig af en voorkom dat de afdekking tegen de verse muur aan waait.

Hoe snel mortel verhardt, hangt onder meer af van de temperatuur, het vocht en het gebruikte product. Een muur die aan de buitenkant droog lijkt, is daarom niet meteen klaar om volledig te worden belast.

Vocht en scheuren in metselwerk

Vocht kan op verschillende manieren in een muur komen, bijvoorbeeld via beschadigde voegen, scheuren of de bovenzijde van een tuinmuur. Zorg daarom dat water goed kan weglopen en niet op de muur blijft staan. Bij een buitengevel kan vocht ook via de aansluitingen rond kozijnen en andere openingen binnendringen.

Een scheur hoeft niet altijd op een ernstig probleem te wijzen. Kleine scheuren kunnen ontstaan door beweging of krimp. Laat een scheur onderzoeken als die groter wordt, schuin door meerdere voegen loopt of samengaat met een verzakking. Alleen de scheur opvullen neemt de oorzaak niet weg.

Witte uitslag op nieuw metselwerk kan ontstaan doordat zouten met vocht naar het oppervlak komen. Vaak verdwijnt die aanslag na verloop van tijd. Achterhaal de oorzaak van het vocht als de muur nat blijft of de uitslag terugkeert.

Veelgestelde vragen over metselwerk

Wat is het verschil tussen metselen en lijmen?
Bij traditioneel metselen gebruik je metselmortel en zijn de voegen duidelijk zichtbaar. Bij lijmen gebruik je een daarvoor bedoeld product en zijn de voegen doorgaans dunner. De steen en de werkwijze moeten wel geschikt zijn voor dat systeem.

Is een gemetselde muur altijd dragend?
Nee. Een gemetselde muur kan een dak of vloer dragen, maar kan ook alleen ruimtes scheiden of als buitenblad van een gevel dienen. Aan het uiterlijk alleen kun je niet betrouwbaar zien welke functie de muur heeft.

Kun je bij vorst metselen?
Verse mortel kan door vorst beschadigen. Metsel daarom niet op een bevroren ondergrond of met bevroren stenen. Ook na het metselen moet de verse muur tegen vorst beschermd blijven.

Waarom verspringen stenen in een muur?
Door stenen in veel verbanden te laten verspringen, komen verticale voegen niet steeds boven elkaar. Dat helpt de stenen met elkaar te verbinden. Het patroon bepaalt daarnaast hoe de muur eruitziet.

Stem voor een mooi en duurzaam resultaat de steen, de mortel en het verband op elkaar af. Vooral de eerste laag en goed gevulde voegen maken bij het metselen een zichtbaar verschil.

Dit vind je vast interessant

Laat jouw mening horen